|
|
Montage-instructies voor banden:
- Vóór de montage van de nieuwe banden dienen de wielen schoongemaakt en op beschadigingen gecontroleerd te worden. Roest, in het bijzonder aan de zitvlakken van de hiel, dient verwijderd te worden.
- Aan de banden aangebrachte stickers, in het bijzonder in de afdichtzone van de hielen, dienen verwijderd te worden.
- Telkens vóór een nieuwe montage dienen de rubberen ventielen vernieuwd te worden.
- De bandhielen en ook de zitvlakken van de hiel van het wiel dienen voldoende met geschikte montagepasta bestreken te worden.
- Bij het vullen van de band dient erop gelet te worden dat de bandhielen in eerste instantie de velgschouders moeten overslaan. De hiervoor noodzakelijke "springdruk" mag niet meer dan 3,3 bar bedragen.
- Om tot de correcte zitting van de band op de velgschouders te komen, is het noodzakelijk om de band in eerste instantie al naargelang het formaat tot 3,5 tot max. 4 bar op te pompen. Aan de hand van de centreerlijnen wordt de centrische zitting gecontroleerd.
- Vervolgens wordt de luchtdruk tot op de vereiste bedrijfswaarde verlaagd en wordt het binnenventiel ingeschroefd.
- Tot slot wordt de ventieldop op het ventiel geschroefd, opdat het ventiel tegen vuil en vocht beschermd is en zodoende 100% kan afdichten. In geval van ondeskundige montage van de banden kunnen er zich beschadigingen, zoals bijvoorbeeld breuken van de hielkern, sluipend luchtverlies, hoge onbalans etc., voordoen. Daarom mogen banden uitsluitend door een vakman, met inachtneming van de hierboven vermelde punten, gemonteerd worden.
|